‘Heeft iemand een gummetje voor mij?’

Yvonne (34) zat na twee verkeersongelukken thuis. Ze kwam de bank alleen af om schoon te maken of om naar de supermarkt om de hoek te gaan. De huisarts verwees Yvonne via ‘Welzijn op recept’ door naar MET en Martine van MET ging met haar mee naar een schilderles in buurthuis De Ezel. Nu gaat Yvonne elke maandagmiddag alleen. Hoe gaat het op zo’n schilderles? En sinds wanneer hebben MET en de huisartsen contact?

Welzijn op recept
De methode Welzijn op recept is ontwikkeld door het Trimbos-instituut. Onderdelen van deze methode zijn onder andere het uitschrijven van een ‘recept voor welzijn’, de aanstelling van een Welzijnsadviseur en het begeleiden en monitoren van de verwezen patiënt (door de Welzijnsadviseur). Welzijn op Recept kenmerkt zich door een klantgerichte vorm van contactleggen: mensen worden in hun eigen omgeving actief benaderd en opgezocht.

Van elkaar leren
Het is warm in buurthuis De Ezel. In het lokaal waar tussen half twee en half vier schilderles gegeven wordt, staat de zon vol op de grote ramen. Buiten smelten de laatste resten sneeuw in het gras.

Gerard Luiten, was voor zijn pensioen lithograaf en is al drie jaar docent van deze cursus die in het voorjaar en in het najaar gegeven wordt. Hij loopt rond op dikke sokken in sandalen en kijkt enthousiast over de schouders van de twee mannen en vijf vrouwen die geconcentreerd bezig zijn.
‘We leren hier van elkaar!’ roept hij enthousiast. ‘Soms zie ik iemand een zonsondergang schilderen en raak ik geïnspireerd door de glinstering in het water. De andere keer zie ik hoe iemand voortreffelijke lijnen trekt. Dat maakt het zo leuk.’

Eén van de vijf vrouwen is Yvonne, ze is een stuk jonger dan de rest en ze is later ingestroomd. Vandaag zit ze achter een klein wit doek en schetst met potlood de contouren van de roze roos op een fotootje dat voor haar ligt.
‘Is dit het goede potlood?’ vraagt Yvonne aan Gerard.
‘Ik denk dat HB iets praktischer is,’ glimlacht hij.

Erop uit gaan
‘Ik had niks te doen, dus ja,’ vertelt Yvonne. Ze beweegt zich voorzichtig, als ze mij aan wil kijken, moet zij haar hele lichaam draaien.
Jaren geleden had Yvonne een verkeersongeluk, waarna ze een halve week ‘buiten westen’ was. Een paar maanden geleden had ze een tweede verkeersongeluk, waarvan ze na een dag al bijkwam. Sinds die tijd is ze snel moe, kan ze zich slecht concentreren en is ze vergeetachtig. Ze zit nu nog in de ziektewet, maar zal ooit weer aan het werk moeten, zegt ze.
‘Begin dit jaar ging ik met mijn vader naar de huisarts, die heeft me doorverwezen naar MET en met Martine ben ik hier terechtgekomen.’

Ik vraag of ze het gek vond om via de huisarts bij een schilderles uit te komen.
‘Nee, eigenlijk niet. Mijn vader is ook huisarts geweest en hij zei al dat we daarnaar zouden vragen, want we wisten niet precies waar ik terecht kon. Ik vond zelf ook wel dat ik wat eenzaam werd. Ik maakte het huis schoon en zat op de bank en soms ging ik naar de supermarkt om de hoek. Dit is het eerste waar ik alleen heen ga. Met de Hugo Hopper, daar heb ik nu een abonnement op. Daar heeft Martine me ook mee geholpen. Dat was het doel, erop uit gaan.’

Aardige mensen
‘Ik ga nu weer even verder,’ zegt Yvonne.
‘Heeft iemand een gummetje voor me?’
Een mevrouw tegenover haar gooit haar een gummetje toe. Ze werkt aan een portret van haar kleindochter.
De gastvrouw, aan het hoofd van de tafel, staat op om de koffie te halen en komt terug met twee kannen waaruit zij iedereen inschenkt.
‘Tini was het toch?’
‘Marga,’ zegt de vrouw.
De gastvrouw legt uit dat ze dit al drie jaar doet en dat de vaste groep vorig najaar uit elkaar gevallen is.
‘Toen ik erbij kwam,’ grapt Yvonne.

Ik vraag of Yvonne blij was dat Martine de eerste keer meeging.
Ze knikt. ‘De eerste keer dacht ik: “Wat staat me te wachten? Wat ga ik doen?” Maar goed het zijn allemaal heel aardige mensen hier.’
‘Dat zegt ze nou,’ zegt de vrouw naast haar, die net als Yvonne aan een roos werkt.
‘Nee sowieso, dat zeg ik ook tegen mijn vriend!’ protesteert Yvonne.
‘Nou, jij bent ook heel aardig hoor,’
‘Dank u wel.’
‘Zeg maar je.’
‘Dank je wel,’ glimlachend pakt Yvonne haar potlood weer op.

Het antwoord
Een dag later zit ik in een leeg kantoortje in huisartsenpraktijk Centrumwaard, waar Martine Raams en Joke Voorwinden sinds begin van dit jaar ‘Welzijn op recept’ uitvoeren.

‘Ik weet ook niet precies wat de medische diagnose van Yvonne is,’ zegt Martine als ik haar vertel hoe mijn afspraak met Yvonne was, ‘Ik hoef niet alles te weten om iemand te activeren.’

Joke is jaren praktijkondersteuner geweest en heeft afgelopen najaar als kwartiermaker het belang van dit project bij de elf huisartsenpraktijken in Heerhugowaard onder de aandacht gebracht.

‘Ik weet uit ervaring dat er zoveel mensen zijn, waarvan je als praktijkondersteuner denkt: “Daar moet iets mee.” Maar die kon ik door de tijdsdruk dan niet echt goed verder helpen. Je hebt geen tijd om het telefoonnummer van een wandelclub op te zoeken of na te gaan of die folder van het buurthuis nog up to date is. Welzijn op recept is het antwoord.’

Bekend concept
Het antwoord op aardig wat vragen, blijkt na de eerste paar weken van het nieuwe jaar. Sinds Martine als vaste welzijnsadviseur aan de huisartsen is voorgesteld, heeft zij al vijfendertig doorverwijzingen gehad.

Hoe verklaren Joke en Martine dit succes? MET deed hiervoor toch al hetzelfde werk?
Martine knikt: ‘Ik snap wat je bedoelt. Ik denk dat het succes een mix is van een aantal dingen: Dat Joke vanuit haar ervaring als praktijkondersteuner ‘Welzijn op recept’ heeft gepromoot, dat Welzijn op recept een bekend concept is dat ook in andere steden in het land loopt en dat de huisartsen met mij als welzijnsadviseur één vast gezicht en telefoonnummer hebben.’
Joke: ‘Dat is voor de huisarts heel makkelijk. Als de patiënt het goed vindt om door MET ondersteund te worden, dan belt de huisarts Martine om de patiënt over te dragen en koppelt zij later terug hoe het gaat.’
Martine: ‘En het is heel mooi dat we hier op dinsdag een kantoor hebben, zo leren we elkaars dynamiek beter begrijpen. Dat was een jaar geleden nog ondenkbaar geweest!’

De dokter zegt het
‘En is jouw werk nu anders?’ vraag ik Martine.
‘Het werk is in de basis niet anders, maar ik kom nu in contact met een andere groep mensen,’ denkt Martine hardop. ‘Dit zijn mensen die niet zelf contact met ons op zouden nemen om iets te ondernemen, maar die wel veel waarde hechten aan het oordeel van de huisarts. “De dokter zegt dat het goed is als ik er af en toe uitga,” zeggen ze dan.’

Wandelende sociale kaart
Zijn er ook huisartsen die geen oren naar dit project hebben?
Joke denkt even na. ‘Er is een huisartsenpraktijk die niet reageerde op mijn verzoek voor een afspraak en er is één huisarts die het te leuk vindt om zelf mensen door te verwijzen. Die wil liever een sociale kaart, waarop hij zelf het overzicht heeft. Daarvan weten we inmiddels dat het onmogelijk is om zoiets te maken. Activiteiten, tijden en telefoonnummers verouderen zo snel! Wij zijn een wandelende sociale kaart.’

Martine vult Joke aan: ‘Via de zondagskrant, het Heerhugowaards nieuwsblad en collega’s van MET vorm ik mij een beeld van de lopende activiteiten en bestaande clubjes, maar dat beeld vul ik weer aan als ik een nieuwe inwoner ontmoet. Als die meneer of mevrouw al op een clubje zit en van de huisarts het advies krijgt om meer te gaan doen, ga ik eerst mee naar het bekende clubje. Dan hoor ik bijvoorbeeld op de biljartclub of die mannen nog andere dingen doen door de weeks, of dat er nog een andere vaste biljartavond is. Zo kom je eigenlijk tot een persoonlijke sociale kaart. Activiteiten die aansluiten bij wat een inwoner al doet en de mensen die deze inwoner al kent.’

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s